• Specialistisch onderzoek

  • Erkende archeologen

  • Verstand van zaken

  • Vlakdekkende opgraving

  • Effectieve samenwerking

  • Diepgaand onderzoek

  • Restauratie en conservering

  • Uitgebreide ervaring

Copyright 2018 - Vlaams Erfgoed Centrum

Archeologienota

 

Sinds 1 juni 2016 heeft u voor een stedenbouwkundige of verkavelingsvergunning in Vlaanderen in veel gevallen een archeologienota nodig. Wat is een archeologienota en wat betekent dat voor u? Contacteer ons en u krijgt gratis uitleg en advies specifiek voor úw bouwproject.

 

 

Lees meer...

Contact

 

email: This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.

 

telefoon:
Algemeen: +32 (0)471 23 51 26

 

adres (bezoek op afspraak):
Liesdonk 5 | 2440 Geel

 

Aanvraag ingediend vóór 1-6-2016

 

Heeft u Bijzondere Voorwaarden ontvangen van het Agentschap Onroerend Erfgoed? Dan kunt u archeologisch onderzoek laten uitvoeren onder de oude regelgeving. Ook daarbij kunnen we u helpen. We geven gratis advies en - als u wilt - een offerte.

 

 


Lees meer...

Archeologie in Vlaanderen

Een archeologienota met beperkte samenstelling

Op 1 januari 2017 is de Code van Goede Praktijk versie 2.0 in werking getreden. In deze nieuwe Code is de 'archeologienota met beperkte samenstelling', oftewel de archeologienota light, geïntroduceerd. De archeologienota light is een goedkoper en sneller uit te voeren onderzoek en kan in de volgende gevallen bij uw vergunningsaanvraag gevoegd worden:

  1. als met absolute zekerheid geen archeologisch erfgoed aanwezig is op het onderzochte terrein, of
  2. als de toekomstige werken met absolute zekerheid geen verstoring zullen veroorzaken aan het eventueel aanwezige archeologische erfgoed, of
  3. als verder onderzoek van het terrein in het kader van de toekomstige werken met absolute zekerheid niet zou leiden tot nuttige kenniswinst.

Vraag ons of een archeologienota light ook voor u van toepassing is!

Lees meer over de Archeologienota.

Archeologie betekent niet altijd direct: opgraven. Bij een vooronderzoek worden verschillende methoden ingezet om te kijken of opgraven kan worden voorkomen. Eén van deze methoden is geofysisch onderzoek. Hierbij worden niet-intrusieve technieken gebruikt die de bodem 'scannen'. Zo kan worden gekeken of er archeologische resten aanwezig zijn, en zo ja, wáár en hoe er moet worden gegraven. 

Geofysisch onderzoek is een verzamelnaam voor technieken zoals magnetometrie, grondradar (GPR), elektrische weerstandsmeting of metaaldetectie. Met deze technieken worden aan het oppervlak signalen gemeten of verstuurd en opgevangen. Hiermee kan doorgaans worden vastgesteld welk soort materiaal of verstoring er in de bodem zit en bij benadering hoe diep.  

Enkele voorbeelden:

Bij magnetometrie wordt gezocht naar verstoringen in het aardmagnetisch veld. Deze verstoringen worden veroorzaakt door objecten met magnetische eigenschappen die afwijken van die van het aardmagnetisch veld. Vaak zijn dat objecten die in meer of mindere mate ijzerhoudend zijn. Hiermee kunnen explosieven worden opgespoord, maar natuurlijk ook archeologische vondsten, zoals metalen voorwerpen maar ook bijvoorbeeld baksteen en puin. Magnetometrie heeft een meetbereik van 3 à 4 meter; bij grote oppervlakken worden meerdere magnetometers tegelijkertijd gebruikt. 

Ground Penetrating Radar (GPR) is een techniek waarbij radarsignalen de grond in worden gestuurd en weer opgevangen. De radarsignalen laten zien waar eventuele afwijkingen in de bodemstructuur zitten. Dit kan betekenen dat er op die plek in het verleden is gegraven. Op deze manier kunnen bijvoorbeeld kuilen of graven worden gedetecteerd. 

Bij weerstandsmetingen worden steeds twee elektroden in de grond geprikt. De metingen geven de variatie in elektrische weerstand in de bodem weer. Afhankelijk van de verstoringen in de ondergrond wordt de stroom goed of minder goed geleid. Met deze techniek kunnen bijvoorbeeld oude muurresten worden opgespoord die onder het oppervlak liggen. 

Een metaaldetector zendt zelf magnetische pulsen uit en meet de respons van eventuele metalen voorwerpen in de bodem. Een metaaldetector heeft een bereik van 30 tot 50 cm. 

Maar er is meer mogelijk met geofysisch onderzoek. Vaak wordt dergelijk onderzoek gecombineerd met ander vooronderzoek zoals boringen of proefputten, dit om een referentiekader te hebben voor de meetresultaten. Eventueel kunnen verschillende geofysische onderzoeken worden gecombineerd voor een beter resultaat, indien het onderzoek daar om vraagt. Afhankelijk van (onder andere) het terrein, textuur en vochtigheid van de bodem, de verwachte archeologische resten, diepte en de vraagstelling van het onderzoek kunnen we u adviseren over de beste en meest besparende aanpak. En indien u dit wenst, maken we een offerte voor u. 

Heeft u nog vragen over geofysisch onderzoek: stel ze gerust

Het opgraven van steentijd artefactensites vergt een specifieke methodiek en manier van opgraven. Indien na vooronderzoek blijkt dat één of meerdere vuursteenvindplaatsen op het terrein aanwezig zijn en deze niet behouden kunnen blijven, wordt meestal vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een zeefonderzoek.

Deze vindplaatsen bestaan voor een groot deel uit een verspreiding van vuursteen. Om ruimtelijke patronen uit deze verspreiding te analyseren wordt de vondstspreiding door middel van een grid van zeefvakken opgegraven.

Over de vuursteenvindplaats wordt een (digitaal) grid heen gelegd, waarna ieder vakje -meestal 50 x 50 cm groot- handmatig wordt uitgegraven. Hierna wordt het sediment gezeefd op zoek naar vuursteenartefacten, maar ook natuursteen, houtskool of ander organisch materiaal. Na afronding van het onderzoek worden de bevindingen gepresenteerd in een helder rapport. Na bestudering van het vondstmateriaal en de vondstspreiding -zowel horizontaal als verticaal- ontstaat een goed beeld van wat er zich op deze locatie in het verleden heeft afgespeeld.

Tijdens opgravingen komen vaak vondsten tevoorschijn die licht kunnen werpen op de ouderdom van de vindplaats of van de vondsten. Het VEC verzorgt de uitvoering van dateringsonderzoek, door middel van 14C, OSL en dendrochronologie. Ook werken we samen met laboratoria die gespecialiseerd onderzoek uitvoeren, zoals DNA analyses, in het kader van fysisch antropologisch onderzoek.

Soms is het niet mogelijk of niet gewenst om een regulier archeologisch (voor)onderzoek uit te voeren. In dat geval kan er gekozen worden voor een archeologisch werfbegeleiding tijdens de civieltechnische werkzaamheden. De werfbegeleiding is een bijzondere vorm van de archeologische opgraving. Ze is onderworpen aan dezelfde decretale bepalingen als een opgraving.

Bij een werfbegeleiding volgt de archeoloog de civiele werkzaamheden nauwlettend op. Hij/zij documenteert eventuele resten, bergt eventuele vondsten en bestudeert de bodemprofielen.

Het Vlaams Erfgoed Centrum heeft alle benodigde kwalificaties in huis en kan uiteenlopende ingrepen begeleiden, zoals:

·         trekken van smalle sleuven voor kabels en leidingen

·         opentrekken van bestaande rioleringen en sleuven voor nutsbedrijven

·         schoonmaken van oevers

·         leggen van drainage

·         sanering van vervuilde grond, als is vastgesteld dat opgraven niet mogelijk is

·         sloop van het ondergrondse deel van een niet-cultuurhistorisch waardevol bouwwerk

De keuze voor een werfbegeleiding in plaats van een opgraving wordt gemotiveerd in de archeologienota of nota. Wilt u graag weten of uw project in aanmerking komt voor een werfbegeleiding of heeft u nog andere vragen: stel ze gerust

 

Subcategories

U bent hier:

f m